Heeft een biologische ouder altijd recht op omgang?

In principe heeft een biologische ouder recht op omgang met zijn of haar kind. Zoals we uitleggen in dit artikel, zijn daar wel een paar uitzonderingen op. Zo kan de rechter het omgangsrecht ontzeggen op bepaalde gronden, moet een vader die het kind niet heeft erkend een ‘nauwe en persoonlijke band’ aantonen en kan een onbekende zaaddonor zelfs nooit aanspraak maken op het recht op omgang.

Recht op omgang: de basis

Uit artikel 1:377a van het Burgerlijk Wetboek vloeit voort dat een biologische ouder in principe altijd recht op omgang heeft. Dit houdt in dat een biologische ouder het recht heeft om zijn of haar kind te zien en een relatie met het kind te onderhouden. Goed om op te merken: het omgangsrecht kan ook bestaan als er geen sprake is van gezag.

Rechter kan recht op omgang ontzeggen

Een biologische ouder die recht op omgang heeft, kan dit worden ontzegd door de rechter. De wet noemt hiervoor vier gronden:

  1. De omgang levert ernstig nadeel op voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind.
  2. De ouder is ongeschikt of niet in staat tot omgang.
  3. Kinderen ouder dan twaalf kunnen bij het verhoor door de rechter ernstige bezwaren tegen de omgang met de ouder in kwestie laten blijken.
  4. De omgang is op een andere manier in strijd met de zwaarwegende belangen van het kind.

Denk bijvoorbeeld aan mishandeling, misbruik, een verslaving of ernstige mentale gezondheidsproblemen die het welzijn van het kind kunnen schaden. De ‘ernstige bezwaren’ van het kind kunnen onder meer komen door langdurige afwezigheid van de ouder.

Biologische vader

Wanneer u als man getrouwd bent met of geregistreerd partner bent van de moeder van het kind en ouderlijk gezag heeft, dan heeft u ook recht op omgang.

Heeft u als vader uw kind niet erkend? Maar bent u wel betrokken bij de verzorging en opvoeding? Dan kunt u aanspraak maken op het omgangsrecht. Daarvoor moet u kunnen aantonen dat u een ‘nauwe en persoonlijke band’ met uw kind heeft.

Stel, u bent de biologische vader van een kind en heeft sinds de geboorte nooit contact gehad met het kind. Alsnog zou u dan aanspraak op omgang met uw kind kunnen maken, mits u vanaf de geboorte contact met het kind wilde – hetgeen nooit heeft plaatsgevonden door bepaalde omstandigheden.

Zaaddonor

Heeft u als zaaddonor recht op omgang met uw kind? Dat hangt af van het type zaaddonor dat u bent: bekend of onbekend.

Bekende zaaddonor

Als bekende zaaddonor kunt u geen aanspraak maken op omgang puur en alleen omdat u de biologische vader bent. Is geregeld dat u de juridische ouder bent, dan bestaat dit recht wel. In andere gevallen moet u een nauwe en persoonlijke band met het kind hebben, in andere woorden: u moet een rol hebben gespeeld in het leven van het kind.

Wat ook kan: u moet ‘bijkomstige omstandigheden’ aantonen. Het staat niet zwart op wit wat die omstandigheden zijn. Het hangt af van bijvoorbeeld omstandigheden en feiten van zowel voor en tijdens de zwangerschap als vanaf de geboorte. Denk aan afspraken die vooraf zijn gemaakt.

Onbekende zaaddonor

Een onbekende zaaddonor, die sperma heeft gedoneerd aan een ziekenhuis of kliniek, heeft geen recht op omgang met het kind. Sterker nog: hij weet niet eens wie het kind is. Wel heeft het kind vanaf 16-jarige leeftijd het recht om te weten wie de donor is. Maar dit leidt niet tot een omgangsrecht voor de vader.

Draagmoeder

De juridische status en de rechten van een draagmoeder kunnen complex zijn en hangen vaak af van de specifieke omstandigheden en afspraken die voor of na de geboorte zijn gemaakt. In de praktijk zou een draagmoeder die ook de biologische moeder is (en die dus haar eigen eicel heeft gebruikt) mogelijk aanspraak kunnen maken op het omgangsrecht.

Is er een draagmoederovereenkomst waarbij duidelijk is afgesproken dat de draagmoeder geen ouderrol vervult en geen juridische ouder is? En is er ook daadwerkelijk, zoals afgesproken, geen invulling gegeven aan die ouderrol? Dan is het niet waarschijnlijk dat zij bij de rechter het recht op omgang kan afdwingen, aangezien er geen sprake zal zijn van een nauwe en persoonlijke band.

Het belang van een donor- en draagmoederovereenkomst

Zowel in het geval van zaaddonatie als draagmoederschap is het verstandig om een donorovereenkomst te laten opstellen. Laat dit doen door een advocaat die is gespecialiseerd in het familierecht. Zelf opgestelde donorcontracten zorgen namelijk vaak voor conflicten. In zo’n contract neemt u bijvoorbeeld op hoe het contact tussen de donor of draagmoeder en het kind eruit gaat zien.

Omgangsregeling

De omgang van de ouders wordt meestal vastgelegd in een omgangsregeling. Daarin wordt bijvoorbeeld afgesproken wanneer en hoe lang de kinderen naar de ouder zonder gezag gaan. Als de afspraken door de rechter zijn vastgesteld, wordt de regeling afdwingbaar. Beide ouders kunnen dan eisen dat de ander zich aan de regeling houdt.

Bent u onderling niet in staat om tot een omgangsregeling te komen? Dan kan de rechter een omgangsregeling opstellen. Daarbij neemt hij of zij zowel de belangen van het kind als van de ouders mee.

Bent u de biologische vader of moeder van uw kind en wilt u aanspraak maken op het recht op omgang? Neem dan vrijblijvend contact op met de gespecialiseerde familierechtadvocaten en -mediators van Henkelman • Van Nimwegen. We zijn gevestigd in Delfzijl en Groningen, met een bezoekadres in Winschoten.

Vrijblijvende kennismaking

Onze gespecialiseerde familierechtadvocaten zijn tevens ervaren (echtscheidings)mediators, mr. Edwin Henkelman is daarnaast overlegscheidingsadvocaat. Komt u uit de regio Groningen, Delfzijl en Winschoten en wilt u vrijblijvend kennismaken met mr. Edwin Henkelman of mr. Eveline van Nimwegen? Neem gerust contact met ons op om een kennismakingsgesprek in te plannen.